USA road trip – Grand Canyon – Sedona …

Na een eerder rustige nacht hoopte ik en mijn stam op hetzelfde elan het ontbijt te kunnen nuttigen. Helaas speculaas. Stel je een universiteitsrestaurant voor tijdens een ontgroeningsfeest maar dan met Amerikanen. Je komt aardig in de buurt. Opgetrokken uit teflon en beton ben ik niet gauw uit het lood te slaan. Glimlachen en wuiven naar het publiek. Op verkenning in de Grand Canyon dan maar. De busrit naar Hermit’s Rest, eveneens het verste punt op het parcours, liet het beste vermoeden. Het weer daarentegen … Met één oog op het prachtige landschap en het andere op het aanzwellende wolkendek had ik er geen goed – euh – oog in. We waren maar net aangekomen aan Hopi Point toen de wind begon aan te trekken en de eerste bliksemschichten de Canyon deden oplichten. Een paar spatjes regen werden vette dikke druppels die al gauw overgingen in hagel. Ondertussen geselde de wind tientallen toeristen die net zoals wij achter en onder bomen gingen schuilen. Ik koos voor mij en mijn vrouwelijk triumviraat een laag exemplaar, met links en rechts van ons op zo’n 5 meter, twee ijzeren palen. Mocht de bliksem dichtbij inslaan weet je wel. Bussen met nerveuze parkwachters kwamen ondertussen aangereden en toeterden ‘Compulsary Storm Evacuation’ tegen iedereen die het al dan niet wou horen. Een verplichte algemene evacuatie van de hele South Rim ten gevolge van een ongemeen hevig onweer. Leuk, maar ons leek de initiële stampede richting bussen levensgevaarlijk en we opteerden om te wachten op de volgende bussen. Minuten lijken uren te duren als je enkel gehuld in een T-shirt gezandstraald wordt door hagel en ijskoude regen. Na een half uur afzien zaten we dan toch op een bus, nat en onderkoeld, als natte honden tussen andere onthutste toeristenhonden, niet goed begrijpend naar mekaar te staren en op weg naar ‘The Village’. Hup, weg sfeer …

Hierna was het zaak om zo snel als mogelijk op te drogen en proberen te genieten van de Grand Canyon. Haast een onmogelijke taak maar we hebben ons best gedaan. We hebben er zelfs nog een trailwandeling achteraan gegooid. Go Flemish Troopers!

Moe en wat teleurgesteld vielen we in de wagen en zetten we koers naar Sedona, een hip stadje gelegen in Red Rock Country. Daar aangekomen ging de jeugd languit in hun hotelkamer en nam ik Mrs. C. nog even mee naar Bell Rock, een lokale bezienswaardigheid. Toen we daar aankwamen en wilden parkeren, versperde er een man wild zwaaiend de doorgang tot de parking. Nadat ik de wagen op een andere plek had neergezet, ging ik kijken naar wat hij stond te wijzen. Wat de neuk! Vrij vertaald ‘What The Fuck!’ Er zat zowaar een knoert van een behaarde Tarantula in het midden van de weg en de man maakte duidelijk dat er niet aan het ‘beestje’ geraakt kon worden. Achteraf kon ik via het www achterhalen dat deze spinnen helemaal niet gevaarlijk zijn en dat ze in Arizona, en zeker in Red Rock Country, een speciale status bekleden. Voor ons simpele Vlamingen is zo’n close encounter met dit spinnetje best wel intimiderend. Zo groot! En lelijk! Nu ja, ze zijn dus ongevaarlijk en worden daar gehouden als huisdier. Ieder zijn meug.

Het bruggetje? Thunderstruck!

Cheers mate!

Tjerri

Advertenties

USA road trip – Moab – Grand Canyon …

Another day, another trip down the road. Vroeg uit de veren, en met een – goor – ontbijt achter de kiezen de auto in. Een slordige 200 m verder stonden we al aan de kant om er een bakje fruit te kopen aan het kraam van een hyperkinetische verkoopster. Iedereen wil iets voedzaams naar binnen werken om aan te sterken na het chemische spul uit het hotel. Vandaag gaat het immers richting Grand Canyon en we kijken tegen een tripje van 550 km aan. Dwars doorheen Navajo gebied mijnheer. Getooid met onze zondagse pluimen en beschilderd met alle kleuren van de oorlogsregenboog klom mijn stam in ons stalen ros en karren maar.

Wat ons het meest is opgevallen en bijgebleven, is de rauwe armoede waarin de indianen – nog steeds – leven. We reden doorheen verschillende reservaten en zagen hoe de schoolgaande jeugd door een schoolbus werden afgezet op een stoffige afgelegen ruige plek. De kinderen moesten dan te voet nog honderden meters stappen in moordende temperaturen, doorheen de woestijn, tot bij een of andere onderkomen stacaravan. Ik waande me bij momenten in een filmdecor van David Lynch. Maar laten we het vooral leuk houden.

De aanloop naar de Grand Canyon is best wel impressionant te noemen. Om verwarring te vermijden wil ik er bij vertellen dat we kozen voor de ‘South Rim’ ofwel de aanloop via Tuba City – niet te verwarren met het lokale ensemble koperblazers – en Cameron. Ondergetekende had last minute nog een hut kunnen versieren in de Grand Canyon Village en daar was ons gezelschap niet echt rouwig om. Kan je niet logeren in ‘The Village’, dan ben je verplicht te overnachten in Cameron of Tusayan en dat scheelt in tijd dat je in het Nationaal Park kan doorbrengen. Voor de prijs moet je het niet doen. Voor de omgeving wèl. Je hebt er zelfs geen WiFi. Lees vorige zin nog maar eens, er bestaan inderdaad nog zo’n plekken. Onthaasten in een fantastisch decor is de boodschap. En dat hebben we ook gedaan. We lieten ons zelfs verleiden tot een avondvullende lezing over Captain John Hance, The Greatest Liar, en de eerste non-Native American resident van de Grand Canyon. Donkere tijden. Lekker om de Fuji X-Pro2 eens de limieten te laten opzoeken.

Het bruggetje? “White man came across the sea/He brought us pain and misery… We fought him hard, we fought him well/Out on the plains, we gave him hell.”

Ugh!

Tjerri