Paal …

Voor paal staan. Wie heeft het nog niet meegemaakt ? Equivalenten zijn ‘voor schut staan’, ‘voor joker staan’ of ‘voor aap staan. Iets minder fraai is ‘te kakken staan’. Dat laatste heeft me altijd een beetje verbaast. Omdat ik meestal zit. Je kan natuurlijk ook iemand te kakken zetten, maar dat scheelt weeral een letter. Die paal dus. Mocht je je afvragen hoe ze erbij kwamen, het komt uit de duistere tijden van de schandpaal. Graag gedaan. Maar de palen van toen zijn niet meer wat ze zijn geweest. Neen mijnheer, mevrouw, als ze nu verschijnen in het straatbeeld zijn ze uit ijzer of beton opgetrokken. Probeer daar maar iemand aan te nagelen. De redacteur bijvoorbeeld die de ene dag meldde dat er iemand tegen een paal in Boom was beland, maar de volgende dag bakzeil moest halen omdat de ongelukkige tegen een boom was geknald in Paal. Deze jongen neemt er liever een foto van. Van die paal dan. De gebouwen op de achtergrond zijn mooi meegenomen. Figuurlijk dan.

paal

Het bruggetje? Wie zei er Boom? Hum … Deze jongen is erbij dit jaar!

Tsjauw!

Tjerri

Rembrandt belichting …

Een klassieker onder de schilders, fotografen en cineasten: de Rembrandt belichting. Neem eender welk schilderij van onze vriend Rembrandt Harmenszoon van Rijn en je zal zien, hij schildert altijd een bevallig lichtdriehoekje onder één van de ogen van zijn modellen. Deze techniek is dan wel niet uiterst moeilijk, je dient wel intensief te schuiven met je lichten om alles goed in balans te krijgen. Hier helpen pilootlichten van je flitsers – aandacht, aandacht ! flauwe mop op komst – je uit de (Rem)brand(t). Bij daglicht helpt het als je domweg je ogen open houdt. Enkel wanneer je met speedlight flitsers werkt wordt het kinky en zal je moeten afgaan op je weergavescherm van de camera. Als je er al een hebt natuurlijk. Een schermpje dus.

Bij onderstaande foto ben ik (alweer) bewust tegendraads geweest. Meest belichtte kant iets uit focus en verst weg van camera en het oog met ‘Rembrandt driehoek’ wèl in focus.

Werkwijze is verder simpel: studioflitser of daglicht, model haar of zijn hoofd beetje alle kanten laten opdraaien en kijken hoe het licht valt, driehoekje zoeken, eventueel donkere partijen (laten) oplichten met reflectiescherm, scherpstellen en afdrukken. Kind doet de was.

rembrandt

Het bruggetje ? Mrs. Z. en L. tellen nu al af naar ‘het concert van 2017’. Hun glazen muiltjes zijn al opgeblonken. Ik kweek dapper voort om de grootste pompoen te oogsten. Wist je trouwens dat de naam van onderstaand liedje gebaseerd is op een schilderij met watermeloenen genaamd ‘Viva la vida’ ? Dan weet je het nu …

Hasta luego!

Tjerri

Botervliegbelichting …

In het licht van bovenstaande titel kan het niet anders dan te maken hebben met fotografie. Dat vertalingsprogramma’s vaker de bal misslaan is een open deur intrappen. Daarom even een kleine rechtzetting: ‘butterfly lighting’ wordt in correct Nederlands ‘Vlinderbelichting’. En daar gaat en ging het mij om.

De ‘wat is’ vraag is makkelijk te beantwoorden. Je creëert een schaduw tussen neus en lippen die de vorm van een vlinder heeft. Lukt het niet, speel dan met je lichtbron(nen) of gooi wat meer wiet in je pretsigaret. Geniet met mate van die laatste want als je tegen de vlakte gaat met nog een – ik noem een zijstraat – Nikon D5 in je hand wordt het een dure fotoshoot. Je eerstvolgende selfie wordt dan een ‘foto van boer met kiespijn’. Als je nog kiezen hebt uiteraard.

Ook de ‘hoe’ vraag is relatief makkelijk te beantwoorden. Zorg voor een lichtbron boven het hoofd van je model en creëer aldus diepere schaduwen. In onderstaand geval had ik een beauty-dish staan pal boven het model. Gezien het (alweer) een zuiver technische opdracht was vond ik het extra fun om een zwarte driehoek te creëren onder de kin en in de hals. Een knipoog naar mijn opdrachtgever die ook nog een Rembrandt belichting wou zien. Maar daarover meer in een volgende post.
Je kan bij een vlinderportret het licht naar believen invullen met extra spots of reflectieschermen, zolang de ‘vlinder’ onder de neus maar zichtbaar blijft.

Piet zou zeggen: “Wat hebben we geleerd vandaag ?”. En wij allen in koor: “Een butterfly is geen botervlieg maar een vlinder”. Kus van de juffrouw en een bank voorruit.

butterfly

Het bruggetje ? No sense of doubt or what you could achieve. I’ve found you out. I’ve seen the life you wish to leave. My papillon …

Rembrandt komt er aan. Stay tuned.

Slu !

Tjerri

 

When they go low …

De gevleugelde woorden van ene mevrouw M.O. uit de US of A kwamen me goed van pas voor het verzinnen van een titel. Te vermoeden valt dat ze, gezien het niveau van het huidige presidium in het verre Westen, zich op eenzame hoogtes bevindt. Voilà, hebben we het momentje actualiteit ook gehad.

Na de low key in de vorige post – u raadt het al – komt de high key aan bod. Ik zou de vorige post dan ook gewoon kunnen kopiëren en ‘low’ door ‘high’ vervangen. En dat ga ik ook doen …

Een goede high key portret foto voldoet aan de volgende kenmerken:
– overwegende witte tonen (neem gerust maar meer dan 75 % in het rechtste kwart van je histogram)
– geen donkere tonen (niets in het uiterste linkse kwart van je histogram)
weinig middentonen
– kritiek punt: altijd detail in je lichte partijen behouden
– zorg dat de aftekening tussen model en achtergrond nog subtiel te ontwaren is
– geen (fotografisch) wit of uitgebrande delen in de foto, of technisch gesteld: geen RGB waarden 255,255,255. Zelfs niet je achtergrond. Als het moet -zet je kleurenpipetje er in PS op en meet.

Een aandachtige lezer, en uit zijn commentaar af te leiden iemand die weet waarover hij praat, merkte op dat de foto technisch best beantwoorde aan het beoogde doel (low key nvdr.) maar dat de communicatie met het model etwas mank was en daarom beter kon. Volmondig mee eens. Ik heb ook bewust vermeden het beeld te pimpen door te gaan schuiven met de curves, ‘blur’ of ‘glow’ toe te voegen, of te werken met allerlei ‘artistieke’ digitale filters en diens meer. Mijn initiële bedoeling was dan ook te focussen op het technische en minder op het inhoudelijke: een sprekend portret. Puur met lichtmeter en de techniek verfijnen om op het randje van het technische mogelijke te geraken én dit ook nog kunnen overbrengen op de uiteindelijk print. Dat ik er in geslaagd ben om dit te realiseren, daar moet je me wel op mijn woord geloven maar anderen delen mijn bevindingen. Een tweede aandachtspunt was om het uiteindelijke resultaat en beeld zodanig om te zetten dat jullie via de internet autostrade en op een blog de foto op het scherm ook nog kunnen evalueren. Je weet niet hoeveel detail en info er verkloot wordt door zo maar een jpeg op het internet te posten. Er zit een hele omzetting achter vanuit de ene kleurruimte naar de definitieve internetversie en het nodige opscherpen voor de doelafmetingen. Die uitleg bespaar ik jullie. Dappere mensen dat jullie al zo ver gekomen zijn met lezen.

Hier dan het beeld in kwestie. Een albino neger had ik niet zo direct tot mijn beschikking dus …

high-key

Het bruggetje? Gepaster vond ik niet …

Volgende keer gaan we door op het elan en bekijken het vlinderportret …

Tsjauw!

Tjerri

Hoogtes en laagtes …

Pieken en dalen. Te zien aan het aantal posts van het voorgaande semester zit ik in een dal. Maar elk nadeel ep z’n voordeel zei ene Johan C. en ik bedenk dan dat de frequentie van mijn posts enkel maar kan stijgen. De hoogte in kan gaan. En zo kom ik dan via een ommetje aan het eigenlijke onderwerp. Ik kon ook kurkdroog geschreven hebben: graag had ik het met jullie over high en low key. Maar dat deed ik dus niet. Het weze me vergeven. Ondertussen ben ik het bloggen bijna afgeleerd en mijn schrijfspier is ietwat roestig geworden. Met een beetje kruipolie is zoiets natuurlijk direct verholpen. Retournons à nos moutons: de fotografie. Techniek beste lezertjes. Ik kreeg een paar opdrachten voorgeschoteld waaronder portretten in high key, low key, vlinderportret en portret met Rembrandt belichting. Een beetje fotograaf weet dan al over wat het gaat. De anderen spitsen nu de oren en lezen aandachtig verder. Als je niets hoort heb je de radio- of een andere speler niet aanstaan. Here’s for you, Tjerri to the rescue …

Zoals ik hierboven aanhaalde, ik zat in een dal. Laten we maar beginnen met een low key. Tot mijn grote verbazing zijn er tig definities te vinden op het net, in andere media en uit de mond van would be, have been, been there en serieuze fotografen. De winter is nog niet het land uit dus vergeef me mijn vrijwillige uitstap op het gladde ijs van de fotografie. Na rijp beraad én discussies met de hiervoor benoemde fotografen van allerlei pluimages ben ik er uit.

Een goede low key portret foto voldoet aan de volgende kenmerken:
– overwegende donkere tonen (neem gerust maar meer dan 75 % in het linkse kwart van je histogram)
– geen highlights (niets in het uiterste rechtse kwart van je histogram)
weinig middentonen
– kritiek punt: altijd detail in je donkere partijen behouden
– zorg dat de aftekening tussen model en achtergrond nog subtiel te ontwaren is
– geen (fotografisch) zwart) of toegelopen kleurenpartij, of technisch gesteld: geen RGB waarden 0,0,0 Zelfs niet je achtergrond. Als het moet -zet je kleurenpipetje er in PS op en meet.

Hoor ik jullie nu zuchten? Dat kan ik begrijpen. Toen ik mijn vriend Google raadpleegde om de obligate prentjes door te nemen kon ik amper eentje ontwaren die aan mijn definitie beantwoordt. Per definitie kan je geen low key maken van een blanke persoon. En dan moet je de racistische conclusie trekken: je kan enkel een low key maken van een neger/negroïde persoon/zwarte/afro-Amerikaan/donker gepigmenteerde persoon/Zwarte Piet (°). Enne, vooraleer je in een politiek correcte kramp schiet: de volgende keer ga ik het hebben over high key. Je merkt het, same shit different story. Hopelijk roept het woord shit geen connotatie op met een lachend kakske want anders staan die jongens van Unia binnenkort op mijn deur te bonken. Doch dit terzijde én voor een andere keer. Je kan dus niet rond de eindconclusie. Uw ondergetekende trok er dan maar op uit om het geschikt model te vinden en te experimenteren. Al een geluk dat ik een uitgebreide telefoonklapper heb. En als ik daar niets in vind dan redt mijn slimme telefoon me meestal wel uit de brand.

Enter Mrs. K. Het eindresultaat mag je hieronder bewonderen. Maar om de details te laten uitkomen op de foto die jullie nu zien heb ik nog een extra druppel zweet moeten laten. De foto was namelijk in 16 bit en ProPhoto RGB kleurruimte. Huh? Yup, ProPhoto RGB is the new black. Vergeef me het grapje. To cut a long story short. Om de details te tonen die ik in de foto heb moest ik de foto omzetten naar 8 bit in de sRGB ruimte, verkleinen, opscherpen (onscherp masker), iets meer contrast geven (8 punten) en iets meer punch in de middentonen (3 %). Voor diegenen die afgehaakt hebben: no prob. Kijk en – nu ja – geniet met mate. Ik ga jullie niet vervelen met de techniek die ik gebruikte om de foto af te drukken mèt details van haar haar en jasje.

Laat vooral weten wat jullie ervan denken. En vergeet de volgende post niet te lezen: high key. Een foto van – pun intended – witte negers.

low-key

Het bruggetje? Discussies over dit soort definities ontaarden nogal vlug in al dan niet subtiele beledigingen. Ik dacht, doe het dan met een stukje muziek …

 

Baai, baai koeievlaai!

Tjerri

(°) schrappen wat niet past

Time flies …

 

 

Momenteel overheerst het gevoel alsof de tijd me ontglipt als zandkorrels in mijn vuist. Het lijkt wel of ik voor alles tijd te kort komt. Een ziekte van deze tijd vertelt men mij. Ik wil het best geloven. Zelfs nu en dan een woordje op deze blog komt er niet meer van. Laat staan een zinnig woord. Maar kijk, bij deze moest ik wel in mijn virtuele pen kruipen.

Ene Pascale Sobry heeft als fotografe haar sporen al een tijdje meer dan verdiend en heeft haar beste werk nu gebundeld in een mooi fotoboek. Ik had al de eer en het genoegen door de foto’s te ploegen en ik kan het rustig samenvatten in één woord : fantastisch!

Pascale Sobry in actie
Pascale Sobry in actie

Zoek je nog een mooi geschenk, wil je je boekenkast dan wel je tafel opfleuren of wil je domweg wegdromen bij de pracht van natuurfoto’s, dan krijg je nu je kans. Dat een boek in eigen beheer uitbrengen niet de evidentie zelve is is een open deur intrappen. Daarom wordt dit pareltje aan de man of vrouw gebracht via kickstarter. Laat dit je niet afschrikken want momenteel zit Pascale op een zucht van het beoogde bedrag.

Hieronder vind je een paar foto’s die uit het boek ‘Iconic Sea Birds’ komen.

Geïnteresseerd ? Aarzel dan niet om in te tekenen op Kickstarter. Je zal het je niet beklagen.

Het bruggetje ? Up tempo beat … Laat je gewoon gaan.

Tsjauw !

Tjerri

Boel op stelten …

Zweden werken graag met hout. Ze schroeven en timmeren dat het een lust is. Iedereen die al bij Ikea is langs geweest zal dit kunnen beamen. Zou er überhaupt iemand zijn die er nog niet is langs geweest ? En ze timmeren niet enkel meubels in mekaar daar in Zwedenland. Schroeven en nagelen is hun leven lijkt het wel. Zelfs hun huizen hangen met haken en ogen aan mekaar. En terwijl ik jullie architectuur kennis bijspijker vraag ik me af hoe het zou voelen mocht dit mijn stulp zijn. Wat een uitzicht. Puur natuur en complete rust. Nou ja. Een ruzietje niet te na gesproken. Opgroeiend grut dat mekaar in de haren vliegt. Net een roedel pups. Een beestenboel quoi. Boel op stelten dus.

Paalwoning

Het bruggetje ? Of is het een steiger ? Als ik zo’n prachtig huis zie, gaat mijn diepe zucht gepaard met de gedachte ‘Money, money, money’. Typisch Zweeds zeker ? …

Tsjauw !

Tjerri